Posts tonen met het label gezag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gezag. Alle posts tonen

maandag 9 augustus 2010

Briefbezorgers

In de Egyptische plaats Oxyrhynchus zijn niet alleen bijbelhandschriften gevonden, maar ook talloze brieven. Dr. Peter Head heeft voor een aantal van deze brieven de rol van de 'postbode' geanalyseerd. Hij concludeert dat de bezorger meer deed dan alleen post bezorgen. Vaak nam hij ook andere voorwerpen mee en/of gaf hij, als gevolmachtigde van de afzender, nadere uitleg over de inhoud van de brief. Maar er zijn geen aanwijzingen dat de bezorger de brief voorlas, hoewel veel mensen zelf niet konden lezen. Head past deze voorbeelden toe op het Nieuwe Testament en concludeert dat wij de bezorgers van Paulus' brieven kunnen zien als diens persoonlijke gezanten en de eerste uitleggers van zijn brieven. In dit verband is het opmerkelijk dat Paulus de Romeinenbrief aan een vrouw, Febe, als bezorger toevertrouwde (Rm 16:1).
Journal for the Study of the New Testament 31.3 (2009)
Geciteerd vanuit Ellips, tijdschrift over Bijbel & wetenschap, Jaargang 35 nr. 295, januari 2010

donderdag 18 september 2008

Febe

Febe wordt in Romeinen 16:1 genoemd als diaken van de gemeente in Kenchreeën. (De Griekse term hier, diakonos, wordt ook vaak gebruikt voor Paulus’ andere medewerkers.) In vers 2 wordt gezegd dat zij “een prostatis voor velen is geweest”.

David Hamilton schrijft over dit Griekse woord prostatis:

Er is in het Grieks geen beter woord dat het dienend leiderschap beschrijft dat Jezus ons voorgeleefd heeft. Het is het meest geschikte woord om goddelijk leiderschap te beschrijven dat niet op zichzelf gericht is, maar oprecht degenen aan wie leiding gegeven wordt dient.

Het woord wordt gebruikt om mensen op de hoogste gezagsposities te beschrijven, die hun macht gebruiken om de mensen onder hun autoriteit te verdedigen, te beschermen, te zegenen en te helpen. Het wordt gebruikt voor de meest nobele, ja de meest goedgunstige en weldadige heersers. Buiten het Nieuwe Testament wordt dit woord gebruikt voor keizers, koningen, gouverneurs, edelen, patriarchen, legeraanvoerders en vele andere gezaghebbende functionarissen.

In het Nieuwe Testament wordt slechts één persoon met dit woord omschreven: Febe. Dit is de allerhoogste eer.
(1995 David Joel Hamilton, I Commend to You Our Sister, eigen vertaling)

Over het algemeen wordt aangenomen dat Febe deze brief aan de Romeinen bezorgd heeft. Ze wordt aanbevolen door Paulus zelf en heeft een gezaghebbende positie in de gemeente te Kenchreeën. Het is niet voor niets dat het haar werd toevertrouwd deze belangrijke brief te bezorgen.

Dat past allemaal niet zo goed bij de gedachte dat vrouwen geen leiding mogen geven in de kerk, maar de dagelijkse praktijk van de apostel Paulus leert ons hele andere dingen...

zondag 13 januari 2008

Waar zijn de vaders?

In Marcus 10 doet Jezus een merkwaardige uitspraak.
28 Petrus nam het woord en zei: ‘Maar wij hebben alles achtergelaten om u te volgen!’ 29 Jezus zei: ‘Ik verzeker jullie: iedereen die broers of zusters, moeder, vader of kinderen, huis of akkers heeft achtergelaten omwille van mij en het evangelie, 30 zal het honderdvoudige ontvangen: in deze tijd broers en zusters, moeders en kinderen, huizen en akkers, al zal dat gepaard gaan met vervolging, en in de tijd die komt het eeuwige leven. Vele eersten zullen de laatsten zijn en vele laatsten de eersten.’ (Marcus 10:28-31 NBV)
Als we goed kijken, zien we dat Jezus in vers 30 (in het tweede rijtje met familieleden) geen vaders noemt. Maakt Jezus hier een vergissing? Ziet Hij iets over het hoofd?

Bijbeluitleggers gaan ervan uit dat het hier niet om een vergissing gaat, maar dat Jezus bewust de vaders weglaat. We lezen vaker dat Jezus de vaderrol relativeert (zie Matteüs 23:9).
In Jezus' tijd had de vader een belangrijke rol. We hebben het dan over de paterfamilias, de heer des huizes. Jezus laat de vaders bewust weg, ze staan teveel voor patriarchale overheersing. Het Koninkrijk van God wordt echter gekenmerkt door broederschap, niet door machtsverhoudingen. Vele eersten zullen de laatsten zijn!
Jezus heeft het hier niet over onze hemelse toekomst. Hij noemt specifiek: in deze tijd! In deze tijd zouden onze gezinsrelaties dus niet gekenmerkt moeten worden door de man als priester van het gezin.

dinsdag 23 oktober 2007

Priester van het gezin

In het bericht Hoofd van het gezin schreef ik al dat de term priester van het gezin geen bijbelse basis heeft. Afgelopen zondag werd ik weer geconfronteerd met het idee dat de man de priester van het gezin is.

Een vriendin van mij schreef hierover:
We zouden af en toe allemaal als priesters moeten functioneren ten opzichte van elkaar. Priester zijn betekent dat je verbonden bent met God en dat andere mensen in contact met God komen door ons. Het heeft er niets mee te maken of je man of vrouw bent en het heeft alles te maken met God's genade.
Daar wil ik me van harte bij aansluiten. Zowel de gelovige man als de gelovige vrouw heeft in het gezin de verantwoordelijkheid om het geloof in praktijk te brengen.

In éénoudergezinnen of gezinnen waarvan één van de partners ongelovig is is het idee van de priester van het gezin al niet eens toepasbaar.

zaterdag 22 september 2007

Vrouwelijke leiders in vroegchristelijke kerk?

In de Ellips van augustus 2007 (jaargang 32 nr. 277) stond een artikel van Pieter L. Lalleman, genaamd: Een vroegchristelijke kerkzaal in Megiddo.

In dit artikel beschrijft hij de vondst (eind 2005) van de resten van een christelijke kerk in Megiddo (Israël). Hij beschrijft dat de derde eeuw een aannemelijke datering voor deze kerk kan zijn. Daarmee is dit één van de oudst bewaarde kerken ter wereld!

In deze kerk zijn een aantal inscripties gevonden. Lalleman schrijft:
De tweede inscriptie vormt een herinnering aan vier met name genoemde vrouwen over wie we verder niets weten, Primilla, Cyiaca, Dorothea en Chreste. Hoogstwaarschijnlijk gaat het om vrouwen uit de plaatselijke kerk, mogelijk om leidinggevende personen. Sommige geleerden denken aan martelaressen, maar dat past niet bij de situering van de kerkzaal in een kazerne en openlijke ondersteuning van een centurio. Geen van de vrouwen heeft een Joodse naam, maar aangezien veel Joden Griekse en Latijnse namen droegen, zegt dat niet zoveel.
En in zijn conclusie:
Om verschillende redenen is de vondst van deze oude kerkzaal niet alleen interessant voor archeologen, maar ook voor de geschiedenis van het christendom.
[...]
ten tweede de mogelijke leidinggevende rol van vrouwen.
Dit kan erop wijzen dat het verbod op vrouwen met leidinggevende taken in de vroege kerk niet algemeen gangbaar was.

zaterdag 7 juli 2007

Gelijkheid of gelijkheid?

In een reactie op Vragen over gelijkheid, schrijft David:
Mannen en vrouwen zijn niet gelijk. Ze zijn gelijkwaardig, maar absoluut niet gelijk.
Vervolgens geeft hij een voorbeeld van hiërarchie tussen verschillende taken binnen een bedrijf.
Dat mannen en vrouwen verschillend zijn, was mij eerlijk gezegd ook al opgevallen. :-)
Het Engels kent twee woorden voor gelijkheid. Sameness en equality.
Sameness - gelijkheid, overeenkomst, eentonigheid, monotonie
Equality - gelijkheid, overeenkomst
vergelijk Equally - gelijkelijk, eerlijk, evenzeer, even, in dezelfde mate, gelijkmatig
(bron: van Dale Handwoordenboek Engels - Nederlands)
Mannen en vrouwen zijn niet hetzelfde (sameness.) Ze zien er anders uit. Ze gebruiken dan wel ongeveer evenveel woorden, maar gemiddeld praten ze misschien toch op een andere manier. Wellicht is het mannelijk perspectief op een zaak iets anders dan het vrouwelijk perspectief (anders, niet beter of slechter!)

Mannen en vrouwen zijn echter wel gelijk (equality). Sommigen gebruiken wellicht liever het woord gelijkwaardig. Prima, mits we daarmee bedoelen: gelijke kansen om hun mogelijkheden te ontplooien.
Een voorbeeld maakt veel duidelijk. Als we zeggen: iemand die geen leidinggevende capaciteiten heeft mag in ons bedrijf geen directeur worden, dan is dat logisch. Als we zeggen: iemand met rood haar mag in ons bedrijf geen directeur worden, dan is er spraken van ongelijkheid.

Ik ben er geen voorstanden van dat mannen en vrouwen hetzelfde worden. (Ik ben er trouwen ook geen voorstander van dat alle mannen op elkaar gaan lijken...) Ik ben er wel voorstander van dat mannen en vrouwen gelijke kansen krijgen en gelijk behandeld worden.

Deze laatste vorm van gelijkheid (equality) wordt in het bericht Vragen over gelijkheid getoets.

vrijdag 6 juli 2007

Vragen over gelijkheid

Op The CBE Scroll, het weblog van Christians for Biblical Equality, staat een bericht met enkele vragen over gelijkheid. Dit bericht is hierop gebaseerd.

Complementaristen zeggen dat ze geloven dat mannen en vrouwen gelijk zijn. Hoe zit dat?
  1. Als zij geloven dat mannen (per definitie) gezag over vrouwen hebben, zijn vrouwen dan gelijk? Nee, als mannen meer autoriteit hebben dan vrouwen is dat geen gelijkheid.
  2. Als mannen in het huwelijk het laatste woord hebben bij (belangrijke) beslissingen, zijn vrouwen dan gelijk? Nee, de mening van de man is belangrijker; dit is geen gelijkheid.
  3. Als de man de geestelijke leider is van zijn vrouw, zijn vrouwen dan gelijk? Een geestelijk leider wordt verondersteld geestelijk sterker te staan dan anderen. Als verondersteld wordt dat mannen automatisch geestelijk superieur zijn aan vrouwen, dan is dit geen gelijkheid.
  4. Sommige complementaristen leggen meer nadruk op de onderdanigheid van vrouwen dan op het liefhebben van de mannen (in het huwelijk). Als het dienen door mannen minder belangrijk is dan het dienen door vrouwen, zijn vrouwen dan gelijk? Nee.
  5. Als God rechtstreeks tot mannen spreekt en slechts indirect tot vrouwen (namelijk via mannen), zijn vrouwen dan gelijk? Nee.
  6. Als mannen zeggenschap hebben over de richting, het beleid en het onderwijs van een gemeente en vrouwen niet, zijn vrouwen dan gelijk? Nee. Als de mannen het beleid bepalen is er geen sprake van gelijkheid.
  7. Als mannen al hun geestelijke gaven op elke plek in de gemeente mogen inzetten, maar vrouwen worden hierin beperkingen opgelegd, zijn vrouwen dan gelijk? Nee. Er is dan geen gelijkheid.
  8. Een complementaristische schrijver zegt dat vrouwen zich van nature onderwerpen aan mannen en hen ondersteunen. Als dit van vrouwen wordt verwacht, maar als niet wordt verwacht dat mannen zich ook zo opstellen ten opzichte van vrouwen, zijn vrouwen dan gelijk? Nee.

In de complementaristische literatuur wordt herhaaldelijk beweerd dat mannen en vrouwen gelijk zijn. Als ze dat echt geloven, wat bedoelen ze er dan mee?

zaterdag 30 juni 2007

Geestelijke volwasseneheid

In het Nieuwe Testament worden we regelmatig gestimuleerd tot geloofsgroei en geestelijke volwassenheid.
Hierover valt nog veel te zeggen, maar het is moeilijk aan u uit te leggen, omdat u traag van begrip bent geworden. Werkelijk, u had toch inmiddels allemaal leraar moeten zijn! In plaats daarvan hebt u er zelf een nodig om u opnieuw de grondslagen van het woord van God bij te brengen; het is met u zo ver gekomen dat u weer aangewezen bent op melk in plaats van op vast voedsel. Wie melk drinkt is nog een klein kind en heeft geen weet van de draagwijdte van de verkondigde gerechtigheid. Vast voedsel is voor volwassenen; hun zintuigen zijn door ervaring geoefend en zij zijn in staat onderscheid te maken tussen goed en kwaad. (Hebreeën 11:11-14 NBV)
Volwassenheid houdt in dat we verantwoordelijkheid kunnen dragen. We moeten in staat zijn onderscheid te maken tussen goed en kwaad. We moeten verstandige beslissingen kunnen nemen. Opvallend is zelfs dat de Hebreeeënschrijver hier schrijft dat ze inmiddels allemaal leraar hadden moeten zijn.
Nog nooit heb ik iemand horen beweren dat geestelijke volwassenheid alleen voor mannen is. Het geven van onderricht behoort volgens bovenstaand gedeelte bij geestelijke volwassenheid. De gedachte dat vrouwen onder mannelijk gezag (verantwoordelijkheid) moeten staan of niet mogen onderwijzen is dus bijbels gezien een vreemd standpunt.
Broeders en zusters, wees in uw denken niet als kinderen. Wees kinderen in het kwaad, maar wees in uw denken volwassen. (1 Korintiërs 14:20)
Ook hier wordt iedereen opgeroepen tot volwassenheid. Opvallend is dat deze tekst in hetzelfde gedeelte staat als één van de bekende 'zwijgteksten' (1 Korintiërs 14:34-35).

Het verbod voor vrouwen om te (s)preken, het verbod voor vrouwen om leiding te geven en het geestelijk leiderschap van de man in het gezin is allemaal in tegenspraak met de geestelijke volwassenheid waar de Bijbel ons allemaal (dus ook vrouwen) toe oproept!

zaterdag 12 mei 2007

De knieval voor de tijdgeest

Er wordt wel eens beweerd dat het evangelisch feminisme een knieval is voor onze eigentijdse cultuur. Met name het seculier feminisme, dat opkwam in de zestiger jaren van de vorige eeuw, wordt genoemd. Deze redenatie is mogelijk omdat de evangelische beweging zijn eigen geschiedenis niet kent. De evangelische beweging onderscheidde zicht in zijn begintijd juist door de participatie van vrouwen in de bediening.

Veel groepen die de openbare bediening van vrouwen ondersteunden, deden dat vanuit de overtuiging dat de Bijbel daar alle aanleiding toe geeft. Toen deze groepen zich echter druk gingen maken over de maatschappelijke fatsoensnormen, werden de vrouwen beknot in hun mogelijkheden.

Dr. Timothy Larsen schrijft in zijn boek Women, Ministry and the Gospel (eigen vertaling):
Wanneer evangelischen (gedurende hun geschiedenis) meer aandacht gaven aan de Bijbel en het evangelie dan aan gerespecteerd worden door de maatschappij, hebben hun overtuigingen er vaak toe geleid om vrouwen in openbare bedieningen te ondersteunen. Maar naarmate ze meer in beslag genomen werden door culturele fatsoensnormen, zijn de vrouwen steeds weer aan de kant gezet.
Natuurlijk zijn er altijd mensen geweest die (gebaseerd op hun begrip van de Bijbel) tegen vrouwen in bepaalde posities waren, maar vrouwen aan het front is altijd een kenmerk geweest van de evangelische beweging, zeker in de begintijd.

Het evangelisch feminisme was er dus al eerder dan het seculier feminisme. Het kan daarom geen aanpassing zijn van het evangelie aan de tijdgeest.

maandag 7 mei 2007

Het hoofd van de synagoge

Het Griekse woord voor hoofd is kephale. Ik heb het daar eerder over gehad, zie:
Hoofd van het gezin
De betekenis van hoofd
Hoofd in de Septuaginta
Hoofd in het Nieuwe Testament

Het Judaïsme uit de eerste eeuw kende de functie: hoofd van de synagoge. De Hebreeuwse titel is: rosh ha-keneset (hoofd van de samenkomst).
Als het Griekse kephale (hoofd) dezelfde figuurlijke betekenis kan hebben als het Hebreeuwse rosh (hoofd), dan zou je als Griekse vertaling van rosh ha-keneset een samenstelling van de woorden kephale en synagoge (samenkomst) verwachten. Maar als Griekse vertaling vinden we archisynagogos. Dit is samengesteld uit arche (leider) en synagogos (de vergadering.) Blijkbaar heeft kephale (hoofd) niet de metaforische betekenis van arche (leider), terwijl rosh wel deze figuurlijke betekenis heeft.

Het woord archisynagogos wordt gebruikt in Marcus 5:21-43 (enkele malen), in Lucas 8:49 en 13:14 en in Handelingen 13:15, 18:8 en 18:17.

zaterdag 5 mei 2007

Lydia

In Handelingen 16 lezen we hoe Paulus in de stad Filippi terecht kwam.
Op sabbat gingen we de stadspoort uit in de richting van de rivier, want we vermoedden dat daar een gebedsplaats was. We gingen zitten en spraken de vrouwen toe die daar bijeen waren gekomen. Een van onze toehoorsters was een vrouw uit Tyatira die in purperstoffen handelde; ze heette Lydia en vereerde God. De Heer opende haar hart voor de woorden van Paulus. Nadat zij en haar huisgenoten waren gedoopt, nodigde ze ons uit met de woorden: ‘Als u ervan overtuigd bent dat ik in de Heer geloof, neem dan bij mij uw intrek.’ Ze drong er bij ons sterk op aan. (Handelingen 16:13-15 NBV)
In het vervolg van het hoofdstuk beleeft Paulus een heel avontuur, waarbij hij en Silas tenslotte zelfs in de gevangenis terecht kwamen. Vervolgens lezen we nog in vers 40:
Paulus en Silas verlieten de gevangenis en gingen naar het huis van Lydia, waar ze de gelovigen aantroffen. Na hen bemoedigend te hebben toegesproken, vertrokken ze.
Lydia was een welgestelde vrouw. In de Studiebijbel lezen we:
Handelaars in purperen stoffen moesten, vanwege de hoge kostprijs ervan, grote investeringen kunnen doen, zodat het beroep doorgaans alleen door welgestelde mensen uitgeoefend kon worden. (Woordstudie 3673 uit Studiebijbel NT deel 14)
Waarschijnlijk was Lydia weduwe. Duidelijk is, dat zij de huiseigenaar was van het huis waar de gemeente samenkwam.
Het is belangrijk om te beseffen dat de Romeinen geen vrijheid van vergadering kenden. Samenkomsten waren alleen toegestaan in verenigingsverband, waarvan er vier types waren: het huishouden, beroepsmatig, religieus (alleen voor goedgekeurde religies) en voor begrafenissen. Waarschijnlijk zijn de eerste christelijke gemeenschappen begonnen als huisverenigingen (huisgemeentes), met name nadat christenen niet meer welkom waren in de synagoges. Volgens de wet was de huiseigenaar de leider van de huisvereniging.
In vers 12 lezen we dat Filippi volgens Romeins recht wordt bestuurd. Het is dus duidelijk dat Lydia de leidinggevende is van de gemeente te Filippi.

zaterdag 31 maart 2007

De reden...

In dit bericht wil ik een vertaling weergeven van enkele fragementen van een recente discussie op Jesus Creed.

Diane schrijft:
In mijn beleving geeft de Bijbel bepaalde verboden met een reden. Het gaat niet om blinde gehoorzaamheid aan "Gij zult niet..." De regels worden gegeven om te bevrijden, niet om te onderdrukken.
Als ik er werkelijk van overtuigd zou zijn dat het gevaarlijk is om vrouwen dezelfde taken te geven als mannen, dan zou ik wellicht het weren van vrouwen uit bepaalde geestelijke posities ondersteunen. Of als de Bijbel duidelijk zou zijn op dit punt (en niet zo vaag), dan zou ik er ook voor zijn. En als mannen mij ervan kunnen overtuigen dat het weren van vrouwen een offer voor hen is, dan zou ik meer neigen naar een complementaire uitleg van de Bijbel. Ik denk echter dat het juist een groter offer voor hen zou zijn om capabele vrouwen gezag te geven.
Jennifer schrijft:
Diane, ik ben het met je eens. Paulus had in zijn culturele context een goede reden om te zeggen wat hij zei. Maar die culturele redenen bestaan nu niet meer, net zoals de voorschriften met betrekking tot de hoofdbedekking die in onze tijd nergens op slaan.
(Zie ook mijn artikelen over 1 Kor. 11)

Michael Kruse schrijft:
Inderdaad! Man en vrouw zijn als gelijken geschapen naar God's beeld. Ze zijn geroepen om samen te heersen over de schepping. Er is geen hiërarchie of rangorde in de scheppingsverhalen. Er is ontologisch (in het zijn) geen verschil tussen man en vrouw. Maar als het gaat om teleologie (het einddoel) wordt er gezegd dat vrouwen geen onderwijs en geen leiding aan mannen mogen geven; daar zijn ze niet voor bedoeld.
Waarom niet? Wat is het einddoel dat God hiermee wil bereiken? Zijn vrouwen bedrieglijk en niet te vertrouwen? Hebben ze niet de intellectuele capaciteiten? Deze beide argumenten zijn in de kerkgeschiedenis gebruikt. Als dit niet de redenen zijn, wat dan wel?
En noem dan ook gelijk een ander theologisch gebied waar teleologie (het doel waarvoor iets is gemaakt) verschilt van ontologie (de wezenskern van iets).
Diane stelt een cruciale vraag.

zondag 17 september 2006

Geestelijke bescherming

In Tijdschrift nr. 71 (jaargang 16) schrijven Jef en Herlinde de Vriese een artikel voor echtparen over geestelijke bescherming.

De inhoud van het artikel wordt samengevat door de zin: Een vrouw ontvangt bescherming onder haar man en een man onder Christus. Zonder deze gezagsorde zou de geestelijke bescherming afwezig zijn (later in het artikel wordt dit wat afgezwakt: Uiteraard staat een vrouw ook persoonlijk onder de bescherming van Christus.).


Is het niet tot je doorgedrongen dat geestelijke bescherming juist ontvangen wordt wanneer je onder gezag staat?
Nee, dat is niet tot mij doorgedrongen en dat zal niet gebeuren ook! Geestelijke bescherming wordt juist ontvangen als God zijn engelen stuurt. (Matteüs 26:53; Psalm 91:11)
Vrouwen hebben geen bescherming nodig vanwege de engelen, ze worden juist beschermd door engelen. (De schrijvers doelen hier op 1 Korintiërs 11:10, een vers dat in oudere vertalingen verkeerd vertaald is.)

Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat er door een dergelijke manier van denken een middelaar tussen God en de vrouw ingezet wordt; een andere middelaar dan Christus (1 Timoteüs 2:5). Geestelijke bescherming is gebaseerd op Christus' overwinning aan het kruis en nergens anders op!
Ik vraag me af hoe het in deze visie zit met alleenstaande vrouwen, of erger, vrouwen die op ernstige wijze misbruikt zijn en voorlopig helemaal niet aan mannen willen denken. Ik geloof dat deze vrouwen (net als ieder ander) zelf mogen bidden om Gods bescherming. En God zal er voor hen zijn. Ik bid ook voor hen, bid jij (m/v) met me mee?

vrijdag 15 september 2006

Een vrouw in enkelvoud

Vervolg op Nu even niet!
Een vrouw dient zich gehoorzaam en bescheiden te laten onderwijzen; ik sta haar dus niet toe dat ze zelf onderwijst of gezag over mannen heeft; ze moet bescheiden zijn. Want Adam werd als eerste geschapen, pas daarna Eva. En niet Adam werd misleid, maar de vrouw; zij overtrad Gods gebod. (1 Timoteüs 2:11-14 NBV)
In Waarom geen Vrouwen? wijst David Hamilton erop dat dit gedeelte in het enkelvoud staat. Het zou goed kunnen dat Paulus een bepaalde Efezische vrouw op het oog heeft. (Lees bovenstaande tekst uit de Nieuwe Bijbelvertaling nog eens door met dit in je achterhoofd.)
Het waarschuwen tegen en bestrijden van valse leer is een belangrijk onderdeel van deze brief (zie b.v. 1 Timoteüs 1:3.) Het zou dus goed kunnen dat Paulus Timoteüs hier opdraagt om deze vrouw niet te laten onderwijzen. Ze moet eerst maar eens zelf goed onderwezen worden! (vers 11)
Sommigen suggereren dat het hier ging om de idee dat Eva eerder geschapen was dan Adam, Eva moest Adam onderwijzen in de wijsheid die ze van de slang geleerd had. Deze misvatting wordt in dat geval in vers 13 en 14 door Paulus gecorrigeerd.

Natuurlijk mag een vrouw geen onderwijs geven als zij de gemeente op een dwaalspoor brengt. Nogal wiedes!
(Zie ook Nu even niet! en Authentein.)

zaterdag 9 september 2006

Nu even niet!

Vervolg op: Authentein

Een vrouw dient zich gehoorzaam en bescheiden te laten onderwijzen; ik sta haar dus niet toe dat ze zelf onderwijst of gezag over mannen heeft; ze moet bescheiden zijn. (1 Timoteüs 2:11-12)
Het werkwoord dat hier gebruikt wordt voor 'niet toestaan' heeft niet de betekenis van een permanent verbod (zie bijvoorbeeld Ben Witherington.) Het betekent zoiets als 'ik sta (nu) niet toe dat een vrouw onderricht geeft...' Het gaat dus om een tijdelijk verbod. De situatie die deze ingreep nodig maakte, moest eerst opgelost worden. Mogelijkerwijs was er sprake van een verkeerde leer, of waren de vrouwen nog niet goed genoeg onderwezen om zelf al onderwijs te kunnen geven.
Paulus had best kunnen schrijven: 'Ik zal nooit toestaan dat vrouwen onderwijzen,' maar dat schreef hij niet. De reden daarvoor is dat hij een plaatselijk probeem corrigeert!

maandag 21 augustus 2006

Authentein

Ik wil dat bij iedere samenkomst de mannen met geheven handen bidden, vol toewijding, zonder wrok of onenigheid. Ook wil ik dat de vrouwen zich waardig, sober en ingetogen kleden. Ze moeten niet opvallen door een opzichtige haardracht, dure kleding, goud of parels, maar door goede daden, zoals gepast is voor vrouwen die zeggen dat ze God vereren. Een vrouw dient zich gehoorzaam en bescheiden te laten onderwijzen; ik sta haar dus niet toe dat ze zelf onderwijst of gezag over mannen heeft; ze moet bescheiden zijn. Want Adam werd als eerste geschapen, pas daarna Eva. En niet Adam werd misleid, maar de vrouw; zij overtrad Gods gebod. Ze zal worden gered doordat ze kinderen baart, als ze tenminste volhardt in het geloof, de liefde en een heilige, ingetogen levenswijze. (1 Timoteüs 2:8-15)
Op het eerste gezicht lijkt Paulus hier te zeggen dat vrouwen geen onderwijzende, leidinggevende positie mogen hebben. Over dit tekstgedeelte is veel te zeggen, maar vandaag wil ik ingaan op het woord dat doorgaans vertaald wordt met gezag hebben of heersen (vers 12.) Het Griekse woord: authentein.
Opvallend is, dat het woord authentein nergens anders in de Bijbel voorkomt. Paulus had het normale woord voor gezag kunnen gebruiken (exousia,) maar hij koos een ongebruikelijk woord. Een aantal geleerden heeft erop gewezen dat dit woord een negatieve klank heeft.
De betekenissen variëren van beheersen en domineren tot doden en vermoorden. Ook betekenissen die op het gebied van sexuele immoraliteit liggen worden genoemd.

Een voor de hand liggende conclusie is, dat het hier gaat om een verbod van een ongezonde vorm van gezag. Het is twijfelachtig om op grond van deze tekst te verdedigen dat vrouwen geen oudste, kringleider, voorganger, dominee, enz. mogen zijn.

vrijdag 11 augustus 2006

De tien geboden

De tien geboden kunnen beschouwd worden als de kernregels voor de samenleving. In de eerste plaats natuurlijk voor het volk Israël, maar feitelijk zijn de achterliggende principes universeel geldig voor alle tijden. We vinden deze geboden terug in Exodus 20:1-17 en in Deuteronomium 5:6-21.

Een gebod dat iets zegt over vrouwen die mannen moeten gehoorzamen, of over mannen die aan vrouwen leiding moeten geven vinden we in deze leefregels niet terug. Het is opvallend dat Deuteronomium 22 het geheel afsluit met:
De HEER heeft deze woorden – deze, en niet meer – tot u gesproken toen u daar bijeen was. (Deuteronomium 5:22a NBV)
Er is wel een ander gebod over gezag opgenomen.
Toon eerbied voor uw vader en uw moeder. (Exodus 20:12 NBV)
De Studiebijbel Oude Testament zegt hierover:
Het is opmerkelijk dat vader en moeder op één lijn worden gesteld in een samenleving die in hoge mate patriarchaal is. In Lev. 19:3 wordt de moeder zelfs als eerste genoemd. (SBOT 1, blz.747 voetnoot 26)
In het vervolg van Deuteronomium zijn de wetten min of meer gerangschikt in de volgorde van de tien geboden. De uitwerking van het vijfde gebod gaat niet alleen over het gezag van de ouders, maar ook over andere gezagsdragers. Er is echter op geen enkele wijze sprake van een gezagsrelatie tussen de man en de vrouw. Integendeel. Man en vrouw zijn hier elkaars gelijke.

In het tiende gebod vinden we wel sporen van de patriarchale maatschappij (de vrouw wordt opgesomt bij de bezittingen.) Dit komt omdat het gebod in termen van de toenmalige cultuur omschreven is. Het principe van dit gebod gaat echter over begeerte! Als we op grond van deze patriarchale sporen mannelijk leiderschap tot wet gaan verheffen, dan moeten we (op grond van ditzelfde vers) slavernij ook zien als een goddelijke inzetting. Dat is natuurlijk onzin.

Het egalitarisme heeft op grond van de tien geboden dus sterke papieren (eigenlijk sterke stenen...)

maandag 24 juli 2006

De man van één vrouw

In 1 Timoteüs 3:2,12 en in Titus 1:6 wordt gesproken over eisen voor opzieners, diakenen en oudsten (wellicht is opziener gewoon een ander woord voor oudste, maar dat is een andere discussie.)
Een opziener moet onberispelijk zijn. Hij kan slechts de man van één vrouw zijn en hij moet sober, bezonnen, gematigd, gastvrij en een goede leraar zijn. (1 Timoteüs 3:2 NBV)

Een diaken mag maar één vrouw hebben en moet goed leiding geven aan zijn kinderen en zijn huisgenoten. (1 Timoteüs 3:12 NBV)

Ik heb je op Kreta achtergelaten om, volgens mijn richtlijnen, de resterende zaken te regelen en in elke stad oudsten aan te stellen: onberispelijke mannen, die maar één vrouw hebben, en gelovige kinderen die niet kunnen worden beschuldigd van schandelijk gedrag en ongehoorzaamheid. (Titus 1:5-6 NBV)
In alle drie deze teksten komt de uitdrukking mias gunaikos aner (man van één vrouw) voor. Sommigen concluderen hieruit dat deze taken alleen door mannen uitgeoefend mogen worden. Als deze redenering wordt aangehouden, dan moet ook geconcludeerd worden dat deze mensen altijd getrouwde mannen moeten zijn; ja, zelfs getrouwde mannen met kinderen.
De meeste mensen gaan niet zo ver. Kinderloosheid wordt over het algemeen niet gezien als hindernis voor het uitoefenen van een taak als oudste; en hun celibataire levensstijl zou dan ook Paulus en zelfs Jezus diskwalificeren van dergelijke leidinggevende taken.

Trouwens, Febe was diaken (Romeinen 16:1.) Het woord diakonon, dat hier gebruikt wordt, staat in dezelfde mannelijke vorm die ook gebruikt wordt voor diaken in 1 Timoteüs. (Dienares is dus een merkwaardige vertaling!)

Mias gunaikos aner betekent zoiets als een één-vrouw-man. De Fransman Lucien Deiss heeft deze uitdrukking gevonden als inscriptie op grafstenen van Joden en heidenen in Klein-Azië. Hiermee werd aangegeven dat de betreffende man of vrouw trouw was aan zijn of haar wederhelft. Dezelfde uitdrukking werd zowel op graven van mannen als van vrouwen gevonden. (Zie: http://churchwomen.tripod.com/mseltzer.htm)

Het lijkt er dus sterk op dat deze uitdrukking niets zegt over het geslacht van de leidinggevende, maar over zijn of haar trouw aan de partner.

zondag 2 april 2006

Het laatste woord

Er wordt wel gezegd dat het leiderschap van de man in het huwelijk inhoudt dat de man bij beslissingen het laatste woord heeft.
In 1 Korintiërs 7:3-5 vinden we echter een voorbeeld van de gewenste gang van zaken bij het nemen van een beslissing in het huwelijk. Hier is niets terug te vinden over iemand die de eindverantwoordelijkheid heeft, of iemand die het laatste woord over de zaak heeft.

Vers 4 is de enige tekst in het Nieuwe Testament waar het woord autoriteit (exousiazo) in de context van het huwelijk genoemd wordt.

Het Griekse woord exousiazo is een werkwoord dat zeggenschap hebben of macht uitoefenen betekent. Dit woord wordt in het Nieuwe Testament in drie teksten gebruikt. In twee teksten is deze machtsuitoefening een ongewenste situatie.
  • In Lucas 22:24-27 zegt Jezus tegen zijn disipelen, dat bij hun de leider dienaar moet worden.
  • In 1 Korintiërs 6:12 zegt Paulus dat hij zich door niets zal laten knechten.
In deze twee gevallen gaat het om eenzijdige machtsuitoefening.
In het derde geval, onze tekst uit 1 Korintiërs 7:4, wordt het woord exousiazo twee keer gebruikt; en wel voor iedere partij één keer. Er is dus sprake van gedeelde verantwoordelijkheid.
De Nieuwe Bijbelvertaling gebruikt bovendien in vers 5 nog het woord wederzijds om het proces van besluitvorming mee te kwalificeren. (Het Griekse woord hier is sumphonos. Sun - samen; phone - klank; uitspraak. Samen tot een uitspraak komen.)

Als het in een democratische politiek, met vele meningen en partijen, lukt om tot gezamenlijke besluiten te komen, dan is het een merkwaardige gedachte dat het in een huwelijk van slechts twee personen nodig is dat iemand het laatste woord moet hebben.

Het laatste woord over deze zaak is dus, dat niemand het laatste woord heeft...

vrijdag 31 maart 2006

Wederzijdse onderdanigheid

Vervolg op: Slavernij en de huishoudcodes en Huishoudcodes

Efeziërs 5:21 spreekt over onderdanigheid (NBG vertaling, de NBV heeft het hier niet over onderdanig zijn, maar over gezag accepteren. Naar mijn mening is dat hier een minder geslaagde vertaling.)

Vrouwen, weest aan uw man onderdanig als aan de Here
Het woord onderdanig zijn komt in de meest betrouwbare handschriften niet in deze tekst voor. Het woord wordt feitelijk "geleend" vanuit de vorige tekst. Er staat in het Grieks zoiets als:

... weest elkander onderdanig in de vreze van Christus, vrouwen aan uw man als aan de Here ...
Dit maakt duidelijk dat vers 22 onafscheidelijk verbonden is met vers 21. Dat betekent dat vers 22, het vers waarmee het gedeelte van de huishoudcodes begint, een uitwerking van vers 21 is. Met andere woorden, het gedrag dat Paulus hier in de huishoudcodes beschrijft, is de uitwerking van het elkaar onderdanig zijn in de (toenmalige) praktijk van alledag.

Vers 21 is op zichzelf weer onderdeel van een hele lange zin, die in vers 18 begint. Het eigenlijke gebod in dit gedeelte staat dan ook in vers 18:

laat de Geest u vervullen
Vervolgens worden (in één lange zin) de gevolgen of uitingen van dat geestvervulde leven opgesomt.

Laat de Geest u vervullen

  • al sprekend tot elkaar in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen
  • al zingend en jubelend in uw hart voor de Heer
  • altijd God dankend voor alles in Jezus' naam
  • u onderwerpend aan elkaar uit eerbied voor Christus
Een uiting van het geestvervulde leven is dus wederzijdse onderdanigheid. Vervolgens geeft Paulus voorbeelden van hoe die wederzijdse onderdanigheid vorm krijgt in de sociaal-maatschappelijke structuren van zijn tijd.

Aan ons nu de uitdaging om het geestvervulde leven zijn uitwerking te laten krijgen in de sociaal-maatschappelijke structuren van onze tijd...