Posts tonen met het label gelijk maar verschillend. Alle posts tonen
Posts tonen met het label gelijk maar verschillend. Alle posts tonen

zaterdag 7 juli 2007

Gelijkheid of gelijkheid?

In een reactie op Vragen over gelijkheid, schrijft David:
Mannen en vrouwen zijn niet gelijk. Ze zijn gelijkwaardig, maar absoluut niet gelijk.
Vervolgens geeft hij een voorbeeld van hiërarchie tussen verschillende taken binnen een bedrijf.
Dat mannen en vrouwen verschillend zijn, was mij eerlijk gezegd ook al opgevallen. :-)
Het Engels kent twee woorden voor gelijkheid. Sameness en equality.
Sameness - gelijkheid, overeenkomst, eentonigheid, monotonie
Equality - gelijkheid, overeenkomst
vergelijk Equally - gelijkelijk, eerlijk, evenzeer, even, in dezelfde mate, gelijkmatig
(bron: van Dale Handwoordenboek Engels - Nederlands)
Mannen en vrouwen zijn niet hetzelfde (sameness.) Ze zien er anders uit. Ze gebruiken dan wel ongeveer evenveel woorden, maar gemiddeld praten ze misschien toch op een andere manier. Wellicht is het mannelijk perspectief op een zaak iets anders dan het vrouwelijk perspectief (anders, niet beter of slechter!)

Mannen en vrouwen zijn echter wel gelijk (equality). Sommigen gebruiken wellicht liever het woord gelijkwaardig. Prima, mits we daarmee bedoelen: gelijke kansen om hun mogelijkheden te ontplooien.
Een voorbeeld maakt veel duidelijk. Als we zeggen: iemand die geen leidinggevende capaciteiten heeft mag in ons bedrijf geen directeur worden, dan is dat logisch. Als we zeggen: iemand met rood haar mag in ons bedrijf geen directeur worden, dan is er spraken van ongelijkheid.

Ik ben er geen voorstanden van dat mannen en vrouwen hetzelfde worden. (Ik ben er trouwen ook geen voorstander van dat alle mannen op elkaar gaan lijken...) Ik ben er wel voorstander van dat mannen en vrouwen gelijke kansen krijgen en gelijk behandeld worden.

Deze laatste vorm van gelijkheid (equality) wordt in het bericht Vragen over gelijkheid getoets.

vrijdag 6 juli 2007

Vragen over gelijkheid

Op The CBE Scroll, het weblog van Christians for Biblical Equality, staat een bericht met enkele vragen over gelijkheid. Dit bericht is hierop gebaseerd.

Complementaristen zeggen dat ze geloven dat mannen en vrouwen gelijk zijn. Hoe zit dat?
  1. Als zij geloven dat mannen (per definitie) gezag over vrouwen hebben, zijn vrouwen dan gelijk? Nee, als mannen meer autoriteit hebben dan vrouwen is dat geen gelijkheid.
  2. Als mannen in het huwelijk het laatste woord hebben bij (belangrijke) beslissingen, zijn vrouwen dan gelijk? Nee, de mening van de man is belangrijker; dit is geen gelijkheid.
  3. Als de man de geestelijke leider is van zijn vrouw, zijn vrouwen dan gelijk? Een geestelijk leider wordt verondersteld geestelijk sterker te staan dan anderen. Als verondersteld wordt dat mannen automatisch geestelijk superieur zijn aan vrouwen, dan is dit geen gelijkheid.
  4. Sommige complementaristen leggen meer nadruk op de onderdanigheid van vrouwen dan op het liefhebben van de mannen (in het huwelijk). Als het dienen door mannen minder belangrijk is dan het dienen door vrouwen, zijn vrouwen dan gelijk? Nee.
  5. Als God rechtstreeks tot mannen spreekt en slechts indirect tot vrouwen (namelijk via mannen), zijn vrouwen dan gelijk? Nee.
  6. Als mannen zeggenschap hebben over de richting, het beleid en het onderwijs van een gemeente en vrouwen niet, zijn vrouwen dan gelijk? Nee. Als de mannen het beleid bepalen is er geen sprake van gelijkheid.
  7. Als mannen al hun geestelijke gaven op elke plek in de gemeente mogen inzetten, maar vrouwen worden hierin beperkingen opgelegd, zijn vrouwen dan gelijk? Nee. Er is dan geen gelijkheid.
  8. Een complementaristische schrijver zegt dat vrouwen zich van nature onderwerpen aan mannen en hen ondersteunen. Als dit van vrouwen wordt verwacht, maar als niet wordt verwacht dat mannen zich ook zo opstellen ten opzichte van vrouwen, zijn vrouwen dan gelijk? Nee.

In de complementaristische literatuur wordt herhaaldelijk beweerd dat mannen en vrouwen gelijk zijn. Als ze dat echt geloven, wat bedoelen ze er dan mee?

zondag 12 november 2006

Gelijk maar verschillend (2)

Vervolg op: Gelijk maar verschillend (1)

Vroeger waren de zaken duidelijk. Mannen waren superieur en vrouwen waren inferieur. Daarom was de man het hoofd van het gezin en konden alleen mannen leidinggevende functies bekleden.

In ongeveer het midden van de negentiende eeuw kwam er toch wat onduidelijkheid. De traditionele methode van bijbeluitleg werd, in het licht van nieuwe inzichten omtrent slavernij, betwijfeld. De kwestie van de ongelijkheid van vrijen en slaven werd ook toegepast op mannen en vrouwen. Eén van de kenmerken van de evangelische beweging eind negentiende, begin twintigste eeuw was de ondersteuning van kiesrecht en gelijkheid voor vrouwen.

Toch werd tot ver in de twintigste eeuw nog vaak volgehouden dat vrouwen gewoon onderdoen voor mannen (inferioriteit). Er werd bijvoorbeeld gedacht dat vrouwen gemakkelijker misleid werden dan mannen. Na de zeventiger jaren waren dergelijke ideeën onhoudbaar.

Nu komt de leer van gelijkheid in wezen, maar verschillend in rol ten tonele. Hiermee proberen de complementaristen recht te doen aan de moeilijke verzen, die een bepaalde rangorde tussen man en vrouw lijken te leren.

De complementaristen mogen dan zeggen dat het egalisme een nieuwe leer is. Dat klopt. Deze uitleg is pas anderhalve eeuw gangbaar. Het complementarisme is echter nog veel nieuwer! Het 'gelijk in wezen maar ongelijk in rol' is nog geen dertig jaar oud.

vrijdag 10 november 2006

Gelijk maar verschillend (1)

In dit bericht begin ik met de redenatie van complementaristen dat man en vrouw gelijk zijn, maar verschillend. Gelijk in wezen, maar ongelijk in rol (equal in being but unequal in role.)

Als ik het complementaire gedachtengoed goed begrepen heb, dan mag de vrouw bepaalde taken in de gemeente niet vervullen. Anderen leren dat een vrouw (in een aantal situaties of altijd) onder leiding van een man moet staan. (Haar echtgenoot, haar vader, de oudsten van de gemeente.) Er zit wat variatie in de theorie, maar het komt erop neer dat de vrouw ondergeschikt is aan de man. Toch is zij (ontologisch) gelijk aan de man.

Nu is het zo dat er niets is, dat iets aan deze ondergeschiktheid kan veranderen.
  • studie niet
  • leeftijd niet
  • promotie niet
  • capaciteiten en gaven niet
  • groei naar volwassenheid niet
  • zelfs geestelijke verlossing niet
De ondergeschiktheid van de vrouw wordt puur en alleen bepaald door de vrouwelijkheid van de vrouw. Door niets anders.

Daarom is er volgens deze redenatie iets intrinsieks aan de vrouw dat haar inferieur maakt aan de man; (ontologisch inferieur dus.) Het credo gelijk maar verschillend is een drogredenering.

Alle mensen zijn gelijk, maar mannen zijn iets meer gelijk dan vrouwen?