De idee achter de
hermeneutiek van de verlossende tendens (Engels: redemptive-movement hermeneutic) is het volgende:
Ten grondslag aan een bepaald bijbelgedeelte ligt een
ultiem etisch principe. De Bijbel is echter geschreven in een bepaalde culturele context. Het bijbelgedeelte past het ultieme principe toe, passend binnen die cultuur, maar ook
hervormend. Er wordt een
beweging gemaakt in de richting van de ultieme ethiek. Een
verlossende tendens die zich in zekere mate afzet tegen de culturele context.
Het X-Y-Z principe (Discovering Biblical Equality, blz. 383)Deze ontwikkeling in de Bijbel herkennen we als een voortgaande weg, een steeds meer verlossende tendens in de toepassing van de ultieme ethiek.
Een goede toepassing van deze hermeneutiek zien we bij
slavernij. Het Oude Testament kende voorschriften voor het houden van slaven, die zich positief onderscheidden van hoe de omliggende culturen met slaven omgingen. Het Nieuwe Testament maakt slaven tot mensen van gelijke status:
niet meer als een slaaf, maar als veel meer dan dat, als een geliefde broeder (Filemon :16 NBV)
In het verdere verloop van de geschiedenis hebben naastenliefde en de idee van gelijkwaardigheid van alle naar Gods beeld geschapen mensen ertoe geleid om slavernij volledig af te schaffen.
In de Bijbel kunnen we ook een verlossende tendens voor vrouwen herkennen. Van 'bezit van de man' naar gelijk met de man, aanvullend, zonder hierarchie.'